Lang geleden, kwamen er ooit een paar Tennyo's op aarde in een meer baden.
Tennyo's zijn prachtige vrouwen, hemelse wezens. Maar een jongeman zag hun Hagoromo (een soort veren-cape) in een
boom hangen, en nam er een mee. Dus kon de Tennyo waarvan die gestolen Hagoromo was niet terug
naar de hemel, waar ze vandaan kwamen. Later ging ze ook trouwen, maar ze wist niet dat haar man
de jongen was die toen de Hagoromo van haar had meegenomen. Ze kregen ook kinderen, en generaties
later, werd de tweeling Aya en Aki geboren...
Aya en Aki zijn jarig, ze worden 16 jaar. Ze willen graag een feestje houden met hun vrienden,
maar hun vader zegt dat ze mee moeten komen naar hun opa. Met tegenzin gaan ze die dag mee.
Ze lopen een zaal in en het is een grote verassing, de hele familie zit er.
De sfeer is eigenlijk niet zo gezellig, iedereen kijkt somber, en buiten het stormt ook nog eens.
Dan wordt er tot Ayas grote opluchting een pakje op tafel gezet. Aya haalt het omhulsel eraf.
Er zit een doosje in. Ze zegt tegen Aki dat hij het mag losmaken. Dan opent hij het, en...
er zit een stenen hand in. Aya wordt helemaal zenuwachtig, er schieten beelden door haar hoofd.
Aki zit plotseling onder de wonden en Aya roept om hulp. Niemand doet iets, en Aya raakt in
paniek. Plotseling staat hun vader ook nog eens met een geweer voor haar gezicht, klaar om haar
neer te schieten. Het wordt Aya allemaal te veel, en dan begint plotseling haar lichaam te gloeien...